THEMA NAAKT H.H. Berteler
Inleiding
Als geïnformeerd wordt naar het sparen van thema’s, hoor je de meest uiteenlopende mogelijkheden. Toch zijn het heel vaak zaken als voorwerpen, flora, fauna of geschiedenis. Niet vaak hoor je dat iemand ‘naakt’ spaart. Voor velen heeft het ook een bijklank en wordt al snel richting lust, seks of nog erger, richting porno gedacht. Nu is dat op zich geen vreemde zaak, al sinds mensenheugenis ligt er die relatie. En binnen de kunstwereld, of het nu fotografie of schilderkunst betreft, ligt die grens voor de buitenwacht ook heel moeilijk.
Naast het feit dat het menselijk lichaam, in al z’n naakte schoonheid, zeer oogstrelend is, ervaar ik veel moois bij het aanschouwen van naakt schilderijen. Dit zowel in de klassieke sfeer, als in de moderne. ‘Naakt’ heeft in z’n oorspronkelijke betekenis vooral betrekking op de ingenomen houding van ongeklede modellen, dit voor studies door kunstenaars of voor ana-tomisch gebruik. Binnen de beeldende kunst is het menselijk lichaam door de eeuwen heen al een geliefd onderwerp. Vele grote kunstenaars zijn hierdoor geïnspireerd geweest, zowel beeldhouwers, tekenaars, ontwerpers als schil-ders. In de Griekse mythologie was naakt evenmin vreemd. Later hebben de Grieken zelfs vanuit aanbidding van hun goden en sporthelden, de kunst van het naakt tot esthetica verheven.
Terug naar de postzegels. Al snuffelend tussen de vele themazegels, valt dan hier en daar het oog op naakt en blijkt het dat dit thema in z’n kwantiteit, ook een overzichtelijk thema vormt. Geen duizenden zegels, geen hele series. En ook dat inspireert mij dan, juist ook omdat het vrij beperkt is zoals mijn verzameling van slechts één plantengeslacht, de Campanula of klokjesbloem. Het zoeken en vinden van ontbrekende aanvullingen wordt daarmee op scherp gehouden.
Eenmaal in het bezit van meerdere zegels, begin je te ordenen. Dan zie je de invloed van het Christendom, de mythologische of de bijbelse context. Dan zie je tijden als renaissance en barok of heel modern de pop-art. Dan ook ervaar je dat er meer is dan de dames van Rubens of de naakten van Picasso. In een aantal artikelen zal ik proberen dit thema respectvol onder uw aandacht te brengen en begin dan toch maar met Rubens.

Peter Paul Rubens
Peter Paul Rubens werd 28 juni 1577 geboren in het Westfaalse Siegen in Duitsland en verhuisde in 1589 naar Antwerpen, waar hij 30 mei 1640 stierf. Zijn eerste tekenvaardigheden leerde hij in Antwerpen, van de Nederlandse schilder Ottavio van Veen, uit Leiden. Al op 23-jarige leeftijd vertrok hij naar Italie en maakte hij portretten van Italiaanse koningen. Hij studeerde in Venetië en woonde o.a. in Rome en Genua. Daar richtte hij zich vooral op Titiaan en Paolo Veronese.
In 1622 verscheen in Antwerpen zijn boek ter aanmoediging van de Italiaanse kunst, om zoals hij zegt: 'de barbaarse architectuur in Vlaanderen af te breken en er de goede Italiaanse vorm in te voeren'. Vlaanderen is, in tegenstelling tot waar hij is geboren, zijn vaderland en daar keert hij dan ook naar terug. Daar wordt hij ook bekend en van daar verspreidt zich zijn faam over alle delen van het land waardoor hij door de grootste vorsten van Europa gevraagd wordt.
Peter Paul Rubens was een praktische, maar ook geleerde man die alle zaken vanuit velerlei invalshoeken, menselijke benaderingen en gevoelens bekeek. Hij paste in zijn werken de optica, symmetrie, proportie, anatomie en architectuur toe. In het kleurgebruik toont hij een grote mate van vrijheid, van creativiteit. Hij gebruikt kleur volgens de natuur, maar maakt opvallende mengkleuren tussen stralend licht en donkere lichamen, en biedt daarmee fraaie tegenstellingen van licht en schaduw.
Rond 1600 keert Rubens terug naar Italië en kopieert daar, zoals zo vele grootmeesters dat deden, voornamelijk door middel van tekenen veel van andermans werk. Onder meer werken van Michelangelo, maar ook van Titiaan, Rafaël en Pieter Brueghel.
Bathseba bij de fontein
De geschiedenis van Bathseba was voor Rubens aanleiding om vrouwelijk naakt te schilderen, zij het dat op dit schilderij nog veel bedekt wordt gelaten. Rubens schilderde Bathseba bij een fontein omstreeks 1635 in olieverf op een paneel van 175 x 126. Dit schilderij is nu nog in de Gemäldegalerie in Dresden. In dit werk bracht hij de verschillende aspecten van het verhaal (Samuël 11: 2-27) samen: de badende Bathseba wordt door David bespied en zij krijgt een koninklijke boodschap van een bediende.


Het is een opgewekt tafereel met een jonge, kokette Bathseba. Rubens heeft er een echt barokschilderij van gemaakt met een koninklijke en klassiek aandoende entourage.
Het schilderij is op twee postzegels ten zien. De eerste is een zegel van Manama, dependency of Ajman met een waarde van 3 Dh. Helaas gaat op deze zegel het kleine hondje aan de voeten van Bathseba schuil achter de tekst op de zegel. De tweede zegel is een postzegel van de republiek Guinee Equatoriaal. Hierop is echter noch David, noch de bediende met de koninklijke boodschap zichtbaar. Ook lijkt dit geen originele weergave van het schilderij.
De opvoeding van Maria de ' Medici’
Van dit schilderij, dat rond 1622-1623 is geschilderd in olieverf op doek(295 x 394), is eveneens op een postzegel van Manama, dependency of Ajman, met een waarde van 3 Dh, een deel te zien. Het schilderij zelf bevindt zich in Parijs in het Louvre (de Medicicyclus)

Het op de zegel weergegeven deel toont alleen de drie Gratiën waarvan er een een kroon vasthoudt om aan de koningin te geven. Het niet afgebeelde deel van het schilderij toont onder meer Minerva die gezeten het koninklijke meisje lezen leert, terwijl aan haar rechterzijde, iets meer naar voren, Harmonie de basviool(cello) bespeelt, terwijl uit de hemel Mercurius afdaalt om het meisje welsprekend te maken. Op de voorgrond liggen de instrumenten van de vrije kunsten, terwijl op de achtergrond een grot is weergegeven, die aan de bovenkant een opening heeft van waaruit water valt. Het daaruit vallende daglicht verlevendigt de naaktheid van de drie Gratiën en is linksboven op de zegel nog net te zien.
Wordt vervolgd